Bureaucratie in de advocatuur?


  

 

  

 

 



Solisten en beunhazen

Het is al jaren een publiek geheim dat de Nederlandse Orde van Advocaten eigenlijk van de eenmanskantoren af wil. De alleen werkende advocaten zijn in de visie van de Orde van Advocaten eigenlijk probleemadvocaten. Rechter Jan van der Does heeft dat blijkens zijn artikel “Klaar ben je”, goed begrepen.

Ook in de speciale editie van het Advocatenblad met de titel “Advocatuur op drift?” die al eerder ter sprake is geweest, komen de “eenpitters”, zoals ze ook wel genoemd worden, er niet best af. De door de Orde van Advocaten ingeschakelde gezaghebbende deskundigen, de hoogleraren in de rechtssociologie Nick Huls en Freek Bruinsma, hebben geen enkel vertrouwen in de solisten. Citaat: “Maar dan rest nog 'de grootste zorg' van hoogleraar rechtssociologie Freek Bruinsma: de solisten.”

Mijn grootste zorg geldt de solisten. Wij weten eigenlijk niets over de kwaliteit van hun dienstverlening. Waarborgen daarvoor ontbreken.” zo zegt Bruinsma. Nick Huls spreekt van een “achterhoede”. “Je hebt nu een achterhoede van eenpitters en een voorhoede van grote kantoren met advocaten die internationaal bezig zijn ....” zo zegt Huls. Hij vindt dat ferm moet worden opgetreden tegen “eenpitters die zich verzetten tegen peer review en andere vormen van controle”.

Kortom: met die eenmanskantoren is het slecht gesteld. De hoogleraren hebben geen flauw idee hoe het met hun dienstverlening gesteld is, zij hebben er geen enkel vertrouwen in, waarborgen voor die dienstverlening ontbreken en het is duidelijk dat daar hoognodig tegen moet worden opgetreden.

Is dat bij grotere kantoren dan anders? Natuurlijk! Daar vindt sociale controle plaats. De advocaten kijken elkaar op de vingers zodat het daar niet zal voorkomen dat advocaten er een potje van maken. Vandaar dat de gezaghebbende deskundigen zich daar geen zorgen over maken.

Kan het nog beter dan “zo maar” een groot kantoor met veel advocaten? Kan het nog beter dan met “zo maar” sociale controle? Ja zeker! Het beste is natuurlijk een kantoor waar de advocaten op de vingers gekeken worden door niet zo maar een kantoorgenoot maar door een advocaat die in het verleden als landelijk deken van de Nederlandse Orde van Advocaten de advocaten die er een potje van maken flink gehekeld heeft en zijn sporen heeft verdiend met het invoeren van allerlei bureaucratie om hier paal en perk aan te stellen en de advocaten verder in het gareel te krijgen. Het beste is het natuurlijk als een dergelijke gewezen landelijk deken bestuursvoorzitter van een dergelijk kantoor is en als zodanig (mede) de sociale controle uitoefent. Als de sociale controle wordt uitgeoefend door iemand met zo'n staat van dienst kan werkelijk niets meer mis gaan. Dat is pas echt een waarborg voor kwaliteit. Dat is wel even beter dan al die beunhazen van solisten die maar ongecontroleerd hun gang gaan en er een zooitje van maken en de goede naam van de advocaten die wel sociale controle hebben bezoedelen, niet waar?

Gelooft U dit allemaal? Ja?

Kijk dan maar eens hier, hier en hier.

Zie ook:

Omstreden declaratiegedrag leidt tot opstappen curatoren - Stichting Arcanist

20 december 2006